picture of my desk

leidraad toneelschrijven inhoud

LAAG 1 - DE DRAMATISCHE STRUCTUUR inhoud

LAAG 2 - HET PLOTTEN VAN DE STRIJD inhoud

Het fundament van jouw weg in aanbouw is gelegd. Je kunt er bij wijze van spreken al over lopen. Nu kun je beginnen aan het uitstippelen van gebeurtenissen. Het is natuurlijk helemaal prima als er ook al heuse woordenwisselingen in je opkomen die dat spannend maken, maar richt je in deze fase op het beschrijven van de interactie: alle mogelijke gebeurtenissen die je aan de dramatische structuur kunt ontlenen. pogingen van de held om het desire na te jagen en botsingen in de planning van iedereen die je erbij wil trekken.

alles op een hoop

Gooi alle aantekeningen over eventuele gebeurtenissen en wendingen, die je tot nu toe al had gemaakt op een grote hoop. Ook als je het gevoel hebt dat er misschien nog wel wat bij zou kunnen, kun je best vast beginnen door steeds een paar bij elkaar horende dingen te pakken die je in gedachten al zou kunnen opkloppen tot dialoogniveau. Wat voor dingen dat zijn kan te maken hebben met:

Helder nadenken is voldoende. En natuurlijk een strakke manier om alle vruchtbare plotkeuzes zo te noteren dat je de volgende schrijfdag nog weet waar je gebleven was.
Je kunt normen en waarden van iedereen flink tegen elkaar opzetten, of ze motieven geven om nog even iets te verbergen.

Laat jouw held in ieder geval zijn of haar desire in een onhandige volgorde najagen. Als de geliefde het zelf al resoluut uit maakt met je hoofdpersoon, is het verhaal snel afgelopen en heeft het voor die ongelukkige held geen nut meer om nog met een vijandige schoonvader aan te pappen. Tenzij het toch niet zo resoluut was als eerst leek. Omdat je tamelijk kunstmatig de boel zit op te rekken, ben je niet alleen zwakheden van je personages aan het bijverzinnen. Maar gaandeweg moet je ook relevante achtergronden toevoegen. Is die schoonvader wel vijandig? Hoe zou het zijn als dat niet waar was en wie zou dat gerucht de wereld in geholpen kunnen hebben? Wat beweegt ze om onbewust zo'n omweg af te leggen? Maak aantekeningen van dat soort bijverzonnen feiten, want zo iets zou dan al eerder geduid kunnen worden.

Zoals ik al had gesuggereerd hebben de eindfragmenten de hoogste prioriteit maar je checkt natuurlijk regelmatig de logica van voor naar achteren. Beschrijf van moment tot moment wat ze, op gespreksniveau, denken dat er te halen valt en hoe dat wel of niet lukt. Het is een duivelse dubbelrol, want alles wat je verzint om het publiek een plezier te doen, gaat ten koste van die arme karakters. Elk onderwerp dat je ze laat aansnijden, maar ook de manier waarop, kan elk moment tegen ze gebruikt worden. Terwijl problem, desire en plan van de hoofdpersoon de leidraad zijn, zullen ook weakness en need een fijne inspiratiebron zijn voor het verzinnen van misverstanden, wrijving en tegenslag.

Terloops ben je nu een karakterdossier aan het invullen (of gewoon personages-info.txt), extra stukjes geschiedenis, die de plotvolgorde logisch maken. Probeer er tijdens een pauzewandelingetje ook eens achter te komen welke keuzes de karakters in het verleden gemaakt kunnen hebben, en niet minder belangrijk waarom ze eigenlijk in een bepaalde scene tevoorschijn komen of zo nodig weer vertrekken. Zo komt er ook steeds meer gespreksstof bij die je waarschijnlijk helemaal niet gepland had. Kies dingen die min of meer met je moraalredenatie te maken hebben. Anders bestaat de kans dat het alle kanten op gaat.

De losse plotfragmenten kun je waarschijnlijk het beste laten beginnen met een onderwerp waarmee iemand een gesprekswending forceert ten opzichte van het voorgaande, of als het voorgaande in de rangschikking nog niet duidelijk is of ontbreekt, een gespreksinitiatief dat door hem of haar makkelijk belangrijker gemaakt kan worden dan al het voorgaande. Op die manier begint er wel al iets van een volgorde te dagen, ter overpeinzing, maar nog niet precies hoeveel dialoog daar eventueel tussen zit.

Ook al was ik er inmiddels van overtuigd dat een plot-laag geen overbodige luxe is, en dat achterste-voren plotten het meest effectief is, ben ik in deze fase nog wel eens vast gelopen. Ik benoem wat aandachtspunten en antwoorden op vragen die ik ooit had.

wat is er nou zo hoog aan dat hoogtepunt (climax)?

Als mensen op straat gaan staan schreeuwen of de vuist gaan, dat de politie achteraf van escaleren zou spreken en het die avond op journaal zou zijn, dan is er vast iets gebeurd wat in een spannend toneelstuk zou passen. Maar zover hoeft het niet te komen om toch een toneelwaardige strijd uit te schrijven. Zolang jouw personages maar iets doen wat het moreel besef aantijgt. Het moreel besef van de anderen, wel te verstaan. Schreeuwen en schoppen kan daar bij horen, maar er zijn vast wel specifiekere manieren waarop jouw held de ander kan aanvallen of kwetsen, of zelf aangevallen of gekwetst kan worden.
Maak een lijstje van deze mogelijkheden, denkend aan de mate van het effect op de ander. Die mate bepaalt in grote lijnen de volgorde in het plotscript en wat de climax is. Je bent eigenlijk op zoek naar de meest spannende volgorde van kwetsen. Het ergste dat de combinatie van personages elkaar kunnen aandoen, dat is het hoogtepunt.

Wat in dit schrijfstadium als moeizaam aanvoelt zou zich in een extreem helder moment van het dramatisch startpunt al hebben kunnen openbaren als de beklimming van een ladder van oplopende grensoverschreidingen. Heel misschien kon je die ladder van provocaties toen al klaar zetten.

golven van bezinning

Niet alleen je personages, maar ook de toeschouwers, zullen vroegtijdig afhaken als de toename van de strijd met alleen maar stijgende geestdrift gepaard gaat. Het is fijner om die in golven te doseren. Er zal iemand in toon en spreekritme even terug schakelen of zo'n terugschakeling van een ander eisen:

   HYPERHENK    Hou je waffel nou eens!
                Waar zijn we nou mee bezig?
Niet dat de spanning minder wordt. Je kunt dit plotten als iemands natuurlijke behoefte aan bezinning om een fellere vervolgconfrontatie op te kunnen brengen. Als je in de uiteindelijke dialoog-laag de psychologie van je personages van zin tot zin gaat nalopen, kom je hier vanzelf achter. Maar het kan handig zijn om in de plot-laag al vast een paar beheerste passages in te calculeren.

interrupties

Regelmatig zul je de loop van de scene moeten doorbreken. De eerste versie van je plotstructuur zal de neiging hebben om dialogen voort te brengen die, net als gesprekken in het echt, veel over inhoud te gaan. Dat wordt snel saai omdat gespreksinhoud zonder wendingen meestal geen dingen duidt waar het publiek wijzer van wordt.
Je moet dus in de plotfase al aanvoelen hoe lang of kort zo'n onderwerpje aan de orde kan blijven en dan weer een goede reden geven om van die inhoud af te wijken. Verzin aanleidingen waarom men elkaar onderbreekt, een andere kant op redeneert of dat er iemand bij komt, of in het alleruiterste geval iemand het gesprek verlaat.
Dit moet geloofwaardig zijn, hooguit een klein beetje verrassend maar met kennis van het voorgaande absoluut geloofwaardig. Het publiek moet die wending kunnen snappen. Complete verrassingen zijn namelijk gevaarlijk. Die geven het publiek niet de lust om te raden hoe het verder gaat. En juist dat voortdurend kunnen-raden is de lust van de toeschouwer.

fijne momenten

Echt leuk is het natuurlijk niet om alleen maar van de ene strijd, twist of spraakverwarring naar de volgende te worden gedirigeerd. Kan mijn held zich dan nooit even lekker in zijn of haar comfort zone wentelen? Nee, maar je kunt hem of haar wel een verhaal in de mond leggen over een andere plek of een andere tijd, een herinering over iets wat er ooit was of iets wat ontbrak. Of de uiting van een fijn droombeeld. Niet over hier en nu.
Het fijne zit hem er in dat niemand het betoog onderbreekt, wat neer komt op een monoloog. Hierdoor valt het strijdbesef even helemaal weg, wat een prima gelegenheid is om iets te duiden over de bijzondere gevoelens van de hoofdpersoon. Dit versterkt het publieksbesef van de omstandigheden, als je tenminste de motivatie logisch kan maken om die bijzondere gevoelens te uiten zonder dat het uitleggerig wordt.
Maar de belangrijkste reden om een monoloog in te lassen is wederom afwisseling. Het is weer eens een andere manier om het speeltempo te verlagen.

waar speelt het?

Of je een realistische locatie aanhoudt die met decorstukken wordt verbeeld of niet, die plek (of meerdere) heeft een relatie met de gebeurtenissen die je nu aan het verzinnen bent. En dan is er nog die oude verhalenwet die stelt dat er van het wie-wat-waar bijna altijd twee tamelijk herkenbaar zijn. Alleen de derde is buitengewoon. Of er is iemand abnormaal bezig (een gek). Of er gebeurt iets wat normaal nooit gebeurt (een ramp). Of men bevindt zich in een vreemde situatie (een droomwereld). Maar beslist nooit twee of alle drie.
Als je twijfelt over de locatie die je hebt bedacht is dit wellicht een handig checklijstje:

Het staat niet vast welk aspect het belangrijkste is om tot een locatie te komen. Het moet gewoon op zijn plek vallen tijdens het plotten.

hoe lang duurt het?

Mocht je ondertussen willen weten of je een avondvullende voorstelling of een eenakter onder handen hebt, tel dan in het plotschema hoe vaak de denkbeeldige toeschouwer iets ontdekt of ziet aankomen wat die nog niet spontaan uit eerdere gebeurtenissen had kunnen opmaken. En dat dan maal vijf minuten. Heel erg ongeveer.
Als dat niet is wat je eigenlijk wilde, begin dan maar weer een beetje opnieuw met je plotbriefjes, je plotlijst of hoe je die vastlegging voor elkaar had.

het uitnodigende begin

Hoe het stuk precies begint, dat zou de achterste-voren-sluitpost van de plotfase zijn. Maar het is eigenlijk ook de etalage van je werkstuk. Voor dat het publiek de winkel in gaat zal men al enthousiast gemaakt moeten zijn om naar binnen te gaan. Schrijftechnisch is dat dus geen sluitpost. Je introduceert er de dramatische structuur. Tenminste de elementen van de structuur die je nu al kan introduceren. De battle zelf zit daar natuurlijk niet bij, maar mogelijk wel wetenswaardigheden die daar mee te maken hebben. Problem, need en weakness van de hoofdpersoon en het bestaan van de nodige opponenten moeten onmiskenbaar geduid worden. En als allerlaatste begin-element het desire van de held. Want vanaf het moment dat het publek er achter komt wie er iets groots aan het verlangen is, zal de spanning van het verhaal worden gedragen door de planning van de hoofdpersoon.
Laat tot dat moment need, weakness en problem aan de orde komen in een volgorde die het beste uitkomt. Maar doseer zorgvuldig. Laat in het begin beslist niet te veel tegelijk gebeuren omdat het nou eenmaal om een kennismaking van allerlei potentieel heftige zaken gaat. Laat feitelijk helemaal niks gebeuren wat het publiek niet kan verwachten. De opvolgende tekstflarden moeten allemaal heel erg normaal en voorspelbaar overkomen, maar steeds op een enkel ding na. Dat ene ding, waar een normaal mens meestal wel even van opkijkt, dat is dan het dramatisch element dat je introduceert, bijvoorbeeld dat iemand blijkbaar:

Zo maak je de toeschouwer stapje voor stapje nieuwsgierig naar wat deze wielerheld gaat doen. En die stukjes introductie vormen dan de inhoud die je in het begin van het plot-schema verwerkt.

check laag 2

Als je alle strijd- en kwetspotentie van je personages in een logische volgorde hebt beschreven, en je verwacht in staat te zijn om bij ieder fragment een waarachtige dialoog op te hoesten, waarbij tussen de regels door voldoende mogelijkheid is om jouw persoonlijke moraal overpeinsbaar aan te stippen, dan heb je de plotfase afgerond.

LAAG 3 - DE DIALOOG UITSCHRIJVEN inhoud

ALS HET TEGEN ZIT inhoud

leren toneelschrijven uit boeken inhoud

een cursus toneelschrijven in drietallen inhoud